Silvia’s verhaal

Als kind had ik al een heleboel zorgen en zorgjes. Nu pas realiseer ik me dat ik vooral bang was voor de dood. Toen ik begon te studeren werden mijn angsten erger. Ik verhuisde naar een andere stad, ver van mijn vriend, mijn familie en vrienden…

In het begin verstopte ik me. Ik ging niet op stap met medestudenten, maar keek tot diep in de nacht televisie. In mijn eentje. Ik ging ook liever niet naar colleges. Zo leer je natuurlijk geen nieuwe mensen kennen. In mijn eerste jaar had ik om precies te zijn één vriendin. Ik moest er iets aan doen, dat wist ik zelf ook wel.

Maar dat duurde nog wel even. Heel lang was ik erg ongelukkig, ik had veel huilbuien. Ik voelde me alleen maar goed als ik mijn oude vrienden bezocht, die in andere steden studeerden. Of als ik in de vakanties terugging naar mijn geboorteplaats.

Toch zocht ik geen professionele hulp.

Ik heb mezelf toen gedwongen om ook in mijn nieuwe woonplaats uit te gaan. Moeilijk hoor, want ik wilde dat eigenlijk helemaal niet. Maar omdat ik nieuwe mensen ontmoette, ging ik me toch een beetje beter voelen. Dat duurde helaas niet lang: precies in mijn eerste tentamenperiode kreeg ik een virusinfectie. Ik ging terug naar mijn ouders, die voor me zorgden en moest bijna een maand ziek thuisblijven. Ik deed geen enkel tentamen. Omdat het virus besmettelijk was kon ik verder ook geen mensen ontmoeten. Ik was weer alleen. In die tijd ontwikkelde ik nosofobie: ziektevrees. Bij mij kwam dat tot uiting in een vreselijke angst voor kanker. Ik checkte de hele tijd mijn lymfeklieren op tumoren en was panisch om dood te gaan. Toch zocht ik geen professionele hulp.

Langzaam maar zeker krabbelde ik weer op en ging ik me ook mentaal weer beter voelen. Mijn fobieën heb ik voor het grootste deel op eigen kracht overwonnen, maar af en toe steken ze toch weer de kop op. Ik blijf heel angstig en maak me nog steeds over een heleboel dingen veel zorgen. Soms voel ik me eenzaam en waardeloos. Maar ik heb nog steeds geen professionele hulp gezocht. Waarom? Ik weet het echt niet. Daar denk ik heel vaak over na; misschien zou het toch beter zijn. Dus wie weet doe ik het op een dag toch.

Silvia,

5 oktober 2016

Naam en foto zijn gefingeerd. Foto:  Flickr